Pionieren, digitaliseren en verduurzamen kenmerkt Kornelis Caps & Closures  

Iedereen heeft ze dagelijks in de handen: deksels en doppen van voedingsmiddelen als pindakaas en mayonaise. Waar worden deze deksels en doppen gemaakt? Bij Kornelis Caps & Closures. Het bedrijf uit Steenwijk maakt deksels en doppen voor de voedingsmiddelenindustrie. Per dag maken ze meer dan een miljoen deksels en doppen. Om aan deze aantallen te komen, durft het bedrijf grote stappen te zetten in digitalisering en duurzaamheid.  

Van bakeliet naar kunststoffen 

In 1936 werd Jelte Kornelis directeur van een fabriek in Steenwijk waar hout verwerkt werd. Jelte bleef zitten met houtafval en onderzocht wat er nog mee gedaan kon worden. Een chemisch stofje Tanine eruit halen? De Belgen waren daar veel beter in en na een mislukt avontuur liet hij dat idee gaan. Vrij vlot kwam het patent op bakeliet, de allereerste synthetische plastic van meneer Baekeland vrij. Als je bakeliet pakt met zaagmeel, het afval van hout, maak je bakeliet veel sterker. Van dit materiaal maakte Jelte verschillende producten. Na de Tweede Wereldoorlog kwamen er ook andere kunststoffen beschikbaar. Vanaf dat moment kwam er een verandering van bakeliet naar thermoplasten, tegenwoordig kunststoffen, die men kan recyclen.   

Het verschil tussen een deksel en dop 

In de jaren 60 produceerde het bedrijf steeds meer kunststof flessen en doppen. Flessen maakten ze tot de jaren 90. Daarna lag de focus volledig op deksels en doppen. Het verschil tussen een deksel en een dop? Een dop is kleiner dan een deksel. Voor mensen buiten Nederland was het moeilijk om het verschil te begrijpen tussen een deksel en een dop. De markt werd steeds groter en het bereik van klanten ging de grens over. Dat maakte dat ze de bedrijfsnaam verengelsten naar Kornelis Caps & Closures. Caps staat voor deksels en doppen en closures zegt meer over de manier van afsluiten. Een pak sluit je bijvoorbeeld af met een clip.  

Met minder mensen dezelfde productieaantallen halen 

Innovatie is de drijvende kracht van het bedrijf, waar zie je dat in terug? We gaan in gesprek met Ytsen de Boer, technisch projectleider bij de deksels en doppen leverancier. ‘Innovatie binnen Kornelis Caps & Closures zie je deels terug in waar het bedrijf in investeert. Als je naar Nederland kijkt, zie je het aantal jongeren afnemen en de vergrijzing toenemen. Daar ontstaat een probleem. We denken na hoe we met minder mensen dezelfde productieaantallen halen. Hoe ga je je fabriek inrichten? Willen we groeien in business? Als bedrijf mag je blij zijn als je stabiel blijft in je productieaantallen. Als je toch wilt groeien, moet je je fabriek automatiseren. We kijken goed naar wat we willen automatiseren en hoe we dit willen doen’, vertelt Ytsen. 

 

Pionieren om te verduurzamen 

Duurzaamheid speelt ook een belangrijke rol binnen Kornelis Caps & Closures. De kunststofverwerkingsindustrie is energie-intensief. ‘We gebruiken veel stroom. Kunststof verwarm je eerst. Zodra het smelt, kun je het in vorm brengen en daarna koel je het af. Zowel smelten als koelen, kost veel elektrische stroom. We denken goed na hoe we dit proces kunnen verduurzamen. We willen met hetzelfde resultaat minder stroom gebruiken aan de voor- en achterkant’, legt Ytsen uit.  

Ytsen: ‘Om deksels en doppen af te koelen, gebruiken we koelwater. In Steenwijk ligt een zandwinningsplaats met onderin water met een tempratuur van 10 graden. Hoe mooi zou het zijn als je in een gesloten systeem dit kunt gaan toepassen in plaats van zelf met koelunits voor koud water zorgen. Dat is een voorbeeld van een stap dat een gemiddeld bedrijf niet durft te zetten en dat maakt ons als bedrijf een pionier. Daarnaast hebben we ook al verschillende elektrische spuitgietmachines. Dat scheelt de helft aan energie, omdat je niet meer werkt met olie. Op dit moment is meer dan de helft van onze spuitgietmachines elektrisch. Het is haalbaar om in 2030 alle spuitgietmachines elektrisch te maken en ons duurzame doel te halen.’  

Informatiestromen digitaliseren met tablets 

In 2016 bouwde het bedrijf een nieuwe fabriek. In de fabriek werd de infrastructuur aangepast op de eisen van de industrie 4.0. ‘Al snel begonnen we met digitaliseren. We wilden onze informatiestromen beter bedienen, zodat de medewerkers goed weten wat ze moeten doen. Vanaf 2018 regelden we dit met het MES-systeem (informatiesysteem). Het systeem zorgt dat de opdracht van de klant naar de machine en medewerker gaat. Elke medewerker beschikt over een tablet waarop staat wat de medewerker met de machine moet doen om de opdracht uit te voeren en hoe het MES-systeem de medewerkers helpt, vertelt Ytsen.  

Digitaliseringsstappen delen met alle afdelingen 

‘We vonden het goed om te achterhalen hoe we er op het gebied van digitalisering voorstaan. Ik kwam in aanraking met het Smart Industry EDIH-assessment van BOOST. BOOST verwees mij door naar Kennispoort Regio Zwolle. Ik kwam in contact met Ilona Koomen, innovatieadviseur met focus op Smart Industry en Martijn Drost, adviseur vernieuwend ondernemen en internationalisering bij Kennispoort. Tijdens het assessment pakten wij het anders aan dan andere maakbedrijven. Normaal nemen er ongeveer drie medewerkers deel aan de assessments. Wij lopen ver vooruit met digitaliseren. Ik vind het belangrijk dat we meer delen over onze digitaliseringsstappen. Daarom nodigde ik alle afdelingen uit aan tafel, zoals research & development, logistiek, supply chain en de technische dienst van de productie.’ 

Uit de scan kwam naar voren waar het bedrijf staat en waar groeimogelijkheden zitten. ‘We digitaliseren en verduurzamen, maar dit kunnen we meer opnemen in onze manier van werken. We gaan onze visie en strategie voor de komende vijf jaar inzetten op deze onderdelen dan alleen op het economische onderdeel. Digitaliseren en verduurzamen mag nog meer binnen de organisatie leven. Dat was ook de opbrengst uit de assessments’, geeft Ytsen aan.   

Fabrieken bouwen met begrijpelijke technologie 

Als Ytsen naar de toekomst kijkt, hoopt hij dat de maakindustrie fabrieken bouwt waarin ze begrijpelijke technologie toepassen. ‘Mensbeschikbaarheid blijft daarin ook belangrijk. Het tekort van mensen leidt vaak tot minder goed gekwalificeerde mensen. De technologie in fabrieken mag daardoor niet moeilijker worden, maar moet ondersteunend zijn. ChatGPT is ook een hulpmiddel en noemen we ook wel co-pilot. Als je iets gelijksoortigs als ChatGPT kan bouwen om de minder ervaren mensen te ondersteunen, kan deze co-pilot vragen over machine, proces of logistiek beantwoorden.’ 

Wil jij ook aan de slag met digitaliseren?

Heb je net als Ytsen interesse in een EDIH-assessment? Neem dan contact op met Kennispoort! Vul hier het contactformulier in, dan nemen wij zo snel mogelijk contact met je op.

EDIH Boost Robotics

EDIH Boost Robotics ondersteunt bedrijven uit Gelderland en Overijssel bij het verbeteren van bedrijfs/productieprocessen, producten of diensten met behulp van digitale technologieën. EDIH wordt medegefinancierd door de Europese Unie.

 

 

Truien met een impactvol verhaal. Twee Staphorster ondernemers wagen zich eraan en willen laten zien dat truien ook eerlijk gemaakt kunnen worden. Met een lokale productie, hightech-breitechniek en een duurzaam productieproces, maken Klaas Veijer (r) en Henk Troost (l) naadloze truien tegen een eerlijke prijs. De ondernemers willen transparant zijn over elke stap in de keten. 

Productie in Staphorst 

‘Ik kom uit de kledingindustrie en ik ben derde generatie in het breien van truien. Zeventig jaar geleden begon mijn opa aan de keukentafel met het breien van truien. De Staphorster mannen droegen niet alleen maar klederdracht. Vroeger beschikten we over een eigen productie, maar door hoge loonkosten verhuisde de productie naar een ander land. Ik weet onder welke arbeidsomstandigheden mensen in andere landen moeten werken en daar voelde ik me niet goed bij. Met Meedin, spreek je uit als ‘made in’, produceren we naadloze truien in Nederland’, vertelt mede-eigenaar Klaas Veijer.  

Geen afval in het productieproces 

Het maken van naadloze truien zorgt voor 20 tot 25% minder afval, ook wel ‘zero waste’ genoemd. Klaas: ‘Door de productie zelf op te pakken, verplaatsen we onze truien niet de hele wereld over. Dat zorgt voor minder CO2-uitstoot.’ Henk Troost, de compagnon van Klaas, vult aan: ‘Als ik kijk naar duurzaamheid, zitten we op de goede weg’. Klaas heeft de breimachine in twee jaar tijd zo geprogrammeerd dat het eerste tot het laatste draadje door de machine gebreid wordt. De trui knippen we alleen nog maar af en daar hebben we geen afval van. We gebruiken dus alle garen.’   

Per verkochte trui geld doneren  

Klaas: ‘Onze frustratie zat in de lagelonenlanden waar mensen veel uren maken in fabrieken. De industrie is niet fris. Als we met z’n allen onze kleding daarvandaan blijven halen, verandert de industrie niet.’ Henk: ‘Iemand sprak me aan en zei: ‘Produceren in Nederland zorgt ervoor dat mensen in lagelonenlanden geen loon meer ontvangen’. Daar dachten we over na. De volgende stap is een stichting vinden of opzetten waaraan we het loon van iemand in een lagelonenland per verkochte trui doneren. Met dat geld steunen we scholing in die landen.’  

‘De aap komt uit de mouw, want we zijn transparant over elke stap in de keten.’ 

De cirkel rond maken 

Meedin is zo neergezet, dat mensen gaan nadenken over het kopen van bijvoorbeeld een nieuwe trui. Klaas: ‘De cirkel willen we rond maken. Dat niemand een reden heeft om de trui niet te kopen. We doen niet aan apenstreken. Daarom hebben we een label met een aapje op de manchet van elke trui. De aap komt uit de mouw, want we zijn transparant over elke stap in de keten. Klanten kunnen onze truien jaren dragen, de kwaliteit is goed en de kleding is tijdloos. Op de achterkant van het label, staat een QR-code. Na het scannen van deze code, kun je het wasvoorschrift lezen. Hiermee besparen we garen en zijn we innovatief.’  

Perfecte trui continu verbeteren 

‘We stunten niet met prijzen en volgen geen trends, want dat vinden we niet duurzaam. Onze familie en vrienden zijn enthousiast over de truien. Van hen ontvingen we goede feedback. De reis naar de perfecte trui verbeteren we continu. De komende jaren gaan we hiermee door, vertellen we het verhaal achter de trui en willen we de truien aan de lopende band verkopen. Regelmatig heb ik contact met Han Smidt, international business consultant bij Kennispoort Regio Zwolle. We kennen elkaar al jaren. Zo hielp hij mij met mijn vorige bedrijf. Eerst willen we regionaal en landelijk aan de slag. Als we naar het buitenland gaan of nieuwe stappen willen zetten in digitalisering, ga ik Han weer bellen. Kennispoort staat dichtbij de ondernemer en dat ervaar ik als zeer prettig’, sluit Klaas af.   

Wil je hulp bij ondernemen?

Wil je net als Klaas en Henk stappen zetten in het ondernemerschap? Neem dan contact op met Kennispoort! Vul hier het contactformulier in, dan nemen wij zo snel mogelijk contact met je op.

Neem contact op

 

Wat ooit begon in de scheepvaart in Amsterdam, is tegenwoordig Van West Koeltechniek in ’t Harde. Het bedrijf kent een lange geschiedenis en bestond in 2023 honderd jaar. De visie van eigenaar Luke Blauw is niet groot, groter, grootst, maar stabiel groeien. De nuchtere ondernemer besloot na zijn studie om geen carrière te maken binnen de wetenschap en nam in 2020 het bedrijf van zijn vader over. Hard werken leerde hij van hem. Luke: ‘Je moet durven stappen zetten, investeren en niet bezuinigen.’   

Van de Randstad naar de Veluwe 

Van West Holland maakte vroeger motoronderdelen voor de scheepvaart. Op een gegeven moment kwam daar koeltechniek bij voor motoren en later ook aan boord. Bijvoorbeeld waterkoelers voor de Noord-Amerikalijn. De tak koeltechniek splitste af naar Heerde in 1971 en later in 1998 naar ’t Harde.    

Wat doet Van West Koeltechniek nu precies? ‘We maken klantspecifieke koelers, oftewel maatwerk koelers in seriematige producties. We bevinden ons in de kleine koeltechniek waarbij je moet denken aan koelers voor koffiemachines, bierfusten, drinkwater- en sapautomaten. We werken steeds meer toe naar klantspecifieke koelers en nemen afscheid van onze eigen assortiment koelers’, vertelt Luke.    

Meerdere rollen   

Luke heeft meerdere rollen binnen zijn onderneming. ‘Ik ga veel bij bestaande en nieuwe klanten op bezoek. Het aannemen van nieuwe medewerkers en de financiën doe ik zelf. De marketing pak ik samen met een extern bedrijf op. Af en toe draai ik mee in de productie als dat nodig is. Ik doe van alles en dat maakt mijn werk veelzijdig’, vertelt Luke.   

Zekerheid en constante levering   

Van West werkt veel samen met vaste klanten. ‘Dat is ook echt ons doel. Het liefst werken we met raamcontracten. Dat is gunstig bij het inkopen van onderdelen en dat zorgt voor een betrouwbare en constante levering aan de klant. Daarin zit een win-win. Om stabiel door te kunnen groeien, blijven we nieuwe klanten aantrekken. Met nieuwe klanten duurt het vaak een tijd voordat er nieuwe series komen. We ontwikkelen eerst een prototype waar een paar maanden overheen gaat, dan test de klant het prototype. Als de klant tevreden is, dan komt er een kleine proefserie van tien à twintig stuks. Na het verwerken van feedback uit het veld, komt er een grotere serie. Dit is vaak al een traject van een jaar. Uiteindelijk is het de bedoeling dat we de juiste kwaliteit blijven leveren aan de klant wat zorgt voor een langdurige samenwerking’, legt Luke uit.     

Inzetten op marketing, verduurzaming en medewerkers   

‘De afgelopen tijd is er ingezet op marketing wat ervoor zorgt dat klanten ons online goed kunnen vinden. Daarnaast maken we Van West Koeltechniek toekomstbestendig door intern de productieprocessen verder te verbeteren. Dat blijft een continue proces. Binnen onze twee productielijnen zijn we al anderhalf tot twee jaar druk bezig met de overgang naar een milieuvriendelijker koudemiddel vanuit nieuwe wetgeving. Het nieuwe koudemiddel R290 (propaan) is efficiënter en daardoor energiezuiniger en beter voor het milieu.  

Het vinden van nieuwe geschikte medewerkers is momenteel de grootste uitdaging. We zoeken naar gemotiveerde mensen die handig zijn en bijvoorbeeld al goed aan de slag kunnen in assemblage. Verder leiden we personeel zelf op en volgen ze uiteindelijk vanuit het bedrijf een externe koeltechnische opleiding. 

Hulp in meer Europese dekking   

‘Er zit nu een complete stroomlijn in het bedrijf. Van marketing tot aan de modernisering van de productielijnen. Het bedrijf is zelfstandiger geworden en daar ben ik trots op’, vertelt Luke enthousiast. De toekomst kijkt hij optimistisch tegemoet. Een tijd geleden klopte Luke bij Han Smidt, international business consultant bij Kennispoort Regio Zwolle aan. Luke: ‘We zochten naar manieren om nieuwe klanten buiten Nederland te vinden, aangezien onze klanten voornamelijk in Nederland zaten. Ik wilde graag meer Europese dekking en Kennispoort heeft ons daarbij geholpen. Studenten hebben een business scan uitgevoerd. Het resultaat van de business scan was een uitgebreid informatierapport waar een lijst met mogelijke klanten in het buitenland uit voort kwam. Inmiddels hebben we contact met verschillende bedrijven in Duitsland en we hopen daar mooie stappen te zetten.’    

Wil je hulp bij internationaal ondernemen? 

Wil je net als Luke stappen zetten in internationaal ondernemen? Neem dan contact op met Kennispoort! Vul hier het contactformulier in, dan nemen wij zo snel mogelijk contact met je op.

Neem contact op 

Erik Smienk zag een situatie in zijn vorige baan ontstaan die hem op het idee bracht om een eigen onderneming te starten. Niet nieuwe, maar juist gebruikte trapliften op de markt brengen. ‘Voorheen was ik verkoopadviseur bij Prominent en Molenaar. Zij verkochten toen alles voor senioren op het gebied van badkamers, douches, scootmobielen, bedden én trapliften. Ik kwam bij klanten thuis en verkocht bijvoorbeeld een traplift. In die tijd werd ik ook regelmatig opgebeld door kinderen van een klant die bij ons een traplift hadden gekocht met de vraag of wij de lift terug konden nemen. Die klant was, in het beste geval, naar een verzorgingstehuis gegaan. Mijn antwoord moest altijd zijn: nee, dat doen we niet. De fabrikant gaf aan dat elke traplift een maatwerkproduct is dat dus niet kan worden hergebruikt. Maar ik kwam ook bij klanten in schrijnende situaties waar ik geen traplift kon verkopen, omdat het budget er niet was. Dan liep ik het huis uit met een naar gevoel, zowel vanuit de commerciële als de menselijke kant’, vertelt Erik.  

Nieuw leven voor overbodige traplift

Het plan van Erik werd om naast zijn baan tweedehands trapliften op de markt te brengen. Zo kon hij een overbodige traplift terugnemen en die traplift weer verkopen aan klanten die bijvoorbeeld niet het budget hadden voor een nieuwe. Erik begon met de in- en verkoop, zijn vader en schoonvader begonnen met het plaatsen van de trapliften. ‘Dat was best succesvol. Al snel kwam mijn zus in dienst en moest ik echt geld gaan verdienen. Dat was het moment dat Smienk Trapliften serieus werd’, vertelt Erik. Inmiddels bestaat het bedrijf uit Nunspeet al meer dan tien jaar, zijn er tientallen medewerkers in dienst en ligt de strategie voor de komende jaren vast.  

Hergebruik materialen in DNA

Het hergebruik van materialen speelt vanaf de start van het bedrijf een grote rol. ‘Tien jaar geleden waren we in Nederland nog niet zo bezig met hergebruik van dingen zoals trapliften. Verduurzamen en vergroenen kwam in de trapliftenmarkt nog niet veel voor. Dat producten die goed zijn, niet worden weggegooid, vinden wij bij Smienk Trapliften heel normaal. Met die gedachte ben ik het bedrijf ook begonnen. Nu, tien jaar later, laat je zien dat je circulair bezig bent en nadenkt over het hergebruik van grondstoffen. Dat deden wij vanaf het begin al. Andere ondernemers wil ik meegeven dat ze echt moeten kijken naar hergebruik van materialen’, geeft Erik aan.  

Succes met de jaren

Hoe blikt Erik terug op de startupfase van zijn bedrijf? ‘Ik zeg weleens dat daar een beetje geluk bij komt kijken. Als je niet probeert te ondernemen, kom je nergens. Je moet lef hebben en aan de slag gaan. Dat het een succes wordt, komt met de jaren. Je groeit, wilt daar niet mee stoppen en blijft als ondernemer altijd vooruitdenken en vernieuwen. Hierin kijk ik niet alleen naar de omzet, maar ook naar mijn klanten en medewerkers. Door de jaren heen merkte ik dat het belangrijk is om goede medewerkers om me heen te krijgen’, vertelt Erik enthousiast. Smienk Trapliften groeit niet alleen in Nederland. Afgelopen mei is het bedrijf begonnen in Canada en ze zijn druk bezig over de grens in Nordrhein-Westfalen. Het doel is om in 2025 ook trapliften te verkopen in België en in 2026 in Frankrijk.  

Goed vindbaar

Om klanten te bereiken in het binnen- en buitenland moet Smienk Trapliften online goed vindbaar zijn. ‘Dat is eigenlijk ook voor 90% de plek waar onze klanten ons vinden. Sinds vorig jaar adverteren we intensiever op tv. We zien dat onze verkoop daardoor verbetert en we meer naamsbekendheid krijgen. Daarnaast bellen mensen ons met de vraag of wij trapliften overnemen, omdat zij ervan af willen. Hierdoor zien we onbewust de inkoop ook stijgen.  

Sparren met startup

Bart Jeurnink, mkb-adviseur bij Kennispoort Regio Zwolle, kent Erik goed en heeft Leon Horenberg van startup Rolmo in contact gebracht met Erik. Leon is bezig met het ontwikkelen en op de markt brengen van een apparaat ter verbetering van de vitaliteit en mobiliteit van ouderen. ‘Smienk Trapliften is een mooi voorbeeld van een bedrijf uit Regio Zwolle dat begon als startup en groeide tot een mooi toekomstbestendig bedrijf. De kennis en ervaring die Erik heeft, deelde hij met Leon. Het sparren met een andere ondernemer over hoe je een bedrijf opzet en een product op de markt brengt in een vergelijkbare doelgroep is waardevol’, vertelt Bart. 

Arend van de Beek was IT-ondernemer voordat hij begon aan de circulaire uitdaging bij Lagemaat. Arend kende het bedrijf al goed, want een van zijn bedrijven schreef in 1993 al software voor de oprichter van het bedrijf. Vijf jaar geleden leerde hij de tweede generatie van dit familiebedrijf opnieuw kennen, maar nu in hun rol als eigenaren-directie. De circulaire ambities van het familiebedrijf bleken veel raakvlakken te hebben met de ICT/bedrijfsmodellen inzichten van Arend waardoor al snel voor inzet als programmamanager circulariteit bij Lagemaat gekozen werd. Sindsdien maakte het bedrijf mooie stappen op circulair gebied.  

De start van Lagemaat  

In 1977 startte vader Lagemaat in Heerde Lagemaat Sloopwerken als éénmanszaak. Zijn twee zoons, dochter en schoonzoon namen het bedrijf in 2004 over van hun (schoon)vader. Zij gaven destijds aan zuinig te zijn op het sloopbedrijf dat hun (schoon)vader opzette, maar dachten tegelijkertijd na over wat ze wel en niet wilden binnen het bedrijf. De nieuwe generatie investeerde meer in het ontwikkelen van kennis en kunde en maatschappelijk verantwoord ondernemen. Bijvoorbeeld in de vorm van het betrekken van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt en natuurbehoud. Ze focusten minder op de groei van het bedrijf. ‘Het niet verder laten groeien van het bedrijf is de enige doelstelling die niet behaald is. Binnen tien jaar tikte Lagemaat namelijk de tweehonderd medewerkers aan’, vertelt Arend met een glimlach.  

Circulariteit in beeld 

‘Vanuit Europa kwam in 2015 het concept ‘circulariteit’ onder de aandacht. Dat lag in het verlengde van de doelstellingen die ze binnen Lagemaat al hadden. Het management kwam rond 2017 tot de conclusie dat Lagemaat serieus met circulariteit aan de slag moest op strategisch niveau. ‘Ik sparde al een tijdje met schoonzoon Gerd-Jan over circulariteit. We moeten in de bouw- en sloopsector gebouwen uit elkaar halen en weer voor nieuwbouw inzetten. De architect en ook degene die een nieuw gebouw wil, moet veel meer gaan snappen wat circulariteit is. Iedereen denkt altijd in nieuwe gebouwen en daar moeten we vanaf. We moeten gebouwen niet meer na tien tot vijftien jaar slopen. Dat moet anders en daar lopen we in de bouw- en sloopsector in voorop’, vertelt Arend.  

Grondstoffen niet oneindig 

Een nieuwe circulaire aanpak omarmen is een uitdaging in de bouwsector, want de bouw is kampioen in het maken van afval uit de sloop van gebouwen. Daar komt bij dat alles wat je nieuw nodig hebt aan grondstoffen zoals grind, zand, glas en staal veelal naar de bouw gaat. Alleen zijn deze grondstoffen niet oneindig verkrijgbaar.  

R-ladder 

‘Binnen Lagemaat werken we met de r-ladder. Deze ladder geeft in dertien stappen aan wat het meest effectief en circulair is om te doen. Als je die ladder betrekt op de sloop, dan is het meest circulair r0. Dit houdt in dat je het gebouw behoudt en niet tot sloop overgaat. In de traditionele lineaire keten zijn we als sloper helemaal naar voren gekropen. We zitten nu binnen de levensfases van een gebouw vaak net voor de architect. Voorheen werden we in de laatste maanden betrokken bij een gebouw dat veertig/vijftig jaar stond en gesloopt moest worden. Tegenwoordig nodigt een woon- of vastgoedcoöperatie ons al uit voordat ze een architect uitnodigen. Het eerste wat ik dan vaak zeg is dat het gebouw niet gesloopt moet worden, wat vaak wel een klinkende binnenkomer is. Uiteraard komt het toch vaak voor dat je een gebouw niet kunt behouden, dan daal je op de r-ladder naar r3 (re-use) en lager. Je haalt dan bijvoorbeeld de vloeren uit het pand voor hergebruik. R3 is 1:1 hergebruik en als je er dan nog dingen aan verandert wordt het r5 (refurbish)’, geeft Arend aan.  

Beton en hout recyclen 

Recyclen is voor Lagemaat een belangrijke oplossing. Arend: ‘Beton is een mooi voorbeeld, want dit kun je op drie manieren recyclen. Ik kan het beton bijvoorbeeld apart uit een gebouw halen en op een bepaalde manier behandelen met een machine. De machine wrijft het gesteente helemaal uit elkaar tot grind-, zand- en cementsteenpoeder. Op deze manier gaan we van honderd ton sloopbeton naar honderd ton hoogwaardige grondstof voor nieuw beton. Hier zit voor ons nu al een verdienmodel achter. De betonindustrie moeten we ervan overtuigen dat herwonnen grind net zo goed is als nieuw grind. Dat lukt ons nu goed. Wat we met grind doen, kunnen we ook met sloophout. Daarvan maken we nieuwe kozijnen’.  

De sector overtuigen van circulariteit

Lagemaat is nu ook bouwer. Er is voor nu geen aannemer die het herwonnen bouwmateriaal accepteert, daar zit nog de grote drempel. Arend: ‘Het stukje dat wij meepakken, is dat we andere bedrijven vertellen hoe wij circulariteit uitvoeren binnen ons bedrijf. We durven stappen te zetten, die andere bedrijven niet durven te zetten en daarmee zijn we uniek in Europa. We zitten in een Europees onderzoeksprogramma Recreate, waarin we in grote versnelling kunnen aantonen dat onze methode werkt. Als een aannemer vervolgens besluit om deze aanpak van circulariteit ook door te voeren, kan hij onze methode knippen en plakken. Daarmee jagen wij circulariteit enorm aan.’

Uniek circulair kenniscentrum 

Volgend jaar start het bedrijf uit Heerde met de bouw van een circulair kenniscentrum. ‘Het circulair bouwen en de functies die erin voorkomen, zijn spannend en uitdagend. We willen een kenniscentrum waarin de vijf o’s, Onderneming met een maatschappelijke inslag, Onderzoek, Overheid, Onderwijs en Ondernemers, samenwerken en elkaar versterken. Daarnaast bieden we 120 mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt een plek om te werken in het kenniscentrum. In het centrum gaan we circulariteit in de praktijk toetsen en leiden we mensen op. Studenten krijgen de kans om in de praktijk te leren en we willen hier congressen rondom circulariteit organiseren’, vertelt Arend. 

Verbinding met ondernemers 

Kennispoort Regio Zwolle adviseurs Anne Dannenberg, aanjager innovatie en John Bakker, mkb-adviseur, helpen Lagemaat in de conceptuele uitvoering van het kenniscentrum. ‘We krijgen ondersteuning in hoe we het beste kennis kunnen uitwisselen en welke kennis er nu nog ontbreekt. Het samenwerken met de verschillende o’s is een raakpunt met Kennispoort. Om heel concreet de verbinding met die o’s op te zoeken en te maken en in het bijzonder met ondernemers, is een mooie uitdaging waar Kennispoort ons bij helpt’, deelt Arend. 

Wil je hulp bij circulair ondernemen?

Wil je net als Arend stappen zetten in circulair ondernemen? Neem dan contact op met Kennispoort! Vul hier het contactformulier in, dan nemen wij zo snel mogelijk contact met je op.

Neem contact op

Het motto van familiebedrijf Vogelzang Dakelementen is ‘onze precisie is uw rendement’, dit is ook waar het bedrijf zich in onderscheidt. ‘Onze onderneming blijft voortdurend in ontwikkeling en dit zie je terug in ons vakmanschap’, deelt Jos Vogelzang trots. Hij zit midden in de overname van Vogelzang Dakelementen dat nu nog in handen is van zijn ouders en oom en tante. Jos is trots op waar het bedrijf nu staat en wil graag nog verder groeien. Wat Vogelzang Dakelementen doet? ‘We maken en leveren prefab dakelementen met daarbij dakkapellen, dakgoten en binnenwanden. We willen groeien naar het opleveren van de gehele zolderverdieping.’    

Van sportopleiding naar overname familiebedrijf   

Vroeger was het altijd de vraag of Jos timmerman of sportman werd. De voorkeur ging in eerste instantie uit naar timmerman. Jos volgde verschillende opleidingen, maar kwam uiteindelijk tot de conclusie dat zijn passie toch niet bij timmeren lag. Hij koos ervoor om de sportwereld in te duiken en studeerde hbo sport, gezondheid en management, om vervolgens als zzp’er aan de slag te gaan. ‘In het laatste jaar van mijn studie aan de Hanzehogeschool in Groningen was ik ‘Green Ambassador’. Dat betekende dat ik mee mocht denken over hoe we studenten en medewerkers mee konden nemen op het gebied van duurzaamheid binnen de hogeschool. Ik ging duurzaamheid toen echt als passie zien’, vertelt Jos. Toen het moment aanbrak dat Jos’ familie richting pensioen ging, kreeg hij de vraag of hij een rol wilde spelen binnen Vogelzang Dakelementen. Jos: ‘Ik wist het vrij snel en antwoordde met een ‘ja’.’  

Bedrijfsovername

Nu Vogelzang Dakelementen bezig is met de bedrijfsovername, kijken Jos en zijn familie naar ondersteuningsmogelijkheden. Om stappen te zetten, vroegen ze een subsidie aan. Het bedrijf is bezig met het verbeteren van de visie en strategie en streeft ernaar om de overname zo goed mogelijk te laten verlopen. Zo deed Vogelzang Dakelementen ook mee aan het programma Family Next van de provincie Overijssel. Jos maakte kennis met andere bedrijven die zich bezighouden met dezelfde uitdaging. ‘Het mooie is dat iedereen weer een andere blik heeft op bepaalde vraagstukken en op een andere manier naar de toekomst kijkt. De oude generatie en nieuwe generatie komen bij elkaar en samen kom je eigenlijk altijd op een goede oplossing uit’, deelt Jos.   

Spiegel voor de organisatie  

Vogelzang Dakelementen is constant bezig met innovatie. Het bedrijf zit midden in een grote digitaliseringsslag. Jos kwam in aanraking met het EDIH (Europese Digitale Innovatie Hubs)-assessment via Stendert de Vries, programmamanager bij Kennispoort Regio Zwolle. Met het EDIH-assessment van BOOST krijgt een onderneming inzicht in de huidige situatie van het bedrijf en waar een ondernemer op het vlak van digitalisering naartoe wil. ‘Ik ben erg blij met het EDIH-assessment! Het was een mooie spiegel voor onze onderneming. De uitkomsten van het assessment waren positief. Toen ik met mijn collega’s terugkeek op het moment waarop we een doel stelden op bedrijfsniveau, zagen wij dat dit niveau wel degelijk bereikt wordt. Daarnaast gaf het EDIH-assessment veel inzicht in kansen en mogelijkheden om nog verder te groeien. Denk bijvoorbeeld aan de toekomstige oplevering van een gehele bovenverdieping’, vertelt Jos tevreden.    

Duurzaam ondernemen   

Jos houdt vast aan zijn passie voor duurzaamheid, dit doen ze bij Vogelzang Dakelementen door het gebruik van circulaire en biologische materialen. ‘Het hout dat we gebruiken voor de producten, zetten we zo duurzaam mogelijk in. We beschikken over een eigen zagerij waar alle bewerkingen van het hout gedaan worden. We kopen niet alleen het hout, maar de gehele boom en gebruiken die ook volledig. Een mooi duurzaam proces en een goede manier om de kwaliteit hoog te houden’, vertelt Jos enthousiast.    

Inspiratiereis leidt tot waardevolle gesprekken    

De ondernemer uit Dedemsvaart maakte deel uit van de tweedaagse inspiratiereis van Kennispoort naar Nordrhein-Westfalen. Jos: ‘De reis vond ik erg leuk. Het feit dat de reis gericht was op familiebedrijven wekte vooraf mijn interesse. Tijdens de reis raakte ik geïnspireerd door het feit dat binnen de bezochte familiebedrijven elke generatie een unieke toevoeging geeft aan het bedrijf. Ook binnen de groep van de reis was dit zo. Ik vond het mooi om te horen hoe wij als ondernemers binnen een familiebedrijf dingen hetzelfde aanpakken. Wie ziet welke kansen? En welke uitdagingen heb je in je product, als je kijkt naar de nieuwe regelgeving die ons wordt opgelegd. Het moet allemaal duurzamer, sneller en efficiënter en juist de meerwaarde van gesprekken over die onderwerpen in de bus of tijdens het eten zijn mij bijgebleven.’ Tijdens de inspiratiereis kwam Jos in contact met Marc Hakvoort, die ook binnen zijn bedrijf Hak4t werkt aan een grote digitaliseringslag. ‘Onlangs hebben we samen hierover gespard. Tijdens deze gesprekken merk ik dat je elkaar kan aanvullen, helpen en van elkaar kan leren’, vertelt Jos.     

Wil jij ook aan de slag met digitaliseren?

Heb je net als Jos interesse in een EDIH-assessment? Neem dan contact op met Kennispoort! Vul hier het contactformulier in, dan nemen wij zo snel mogelijk contact met je op.

EDIH Boost Robotics

EDIH Boost Robotics ondersteunt bedrijven uit Gelderland en Overijssel bij het verbeteren van bedrijfs/productieprocessen, producten of diensten met behulp van digitale technologieën. EDIH wordt medegefinancierd door de Europese Unie.

 

 

We nemen graag contact met je op

Laat hieronder je gegevens achter en wij bellen je terug

  • Velden met een * zijn verplicht om in te vullen.